|
De ziekte van Pfeiffer (ook wel
mononucleosis infectiosa genoemd) wordt veroorzaakt door
het Epstein-Barr virus.
Pfeiffer komt vooral veel voor bij tieners,
maar waarschijnlijk worden al veel meer mensen op jongere
leeftijd geïnfecteerd geraakt en maken dan een milde ziekte door
met hangerigheid, keelpijn en vermoeidheid, welke niet
onderzocht wordt en vanzelf weer over gaat. Ook jonge kinderen
op de basisschool kunnen er soms flink ziek van zijn.
Typisch bij Pfeiffer is de vermoeidheid en
algehele malaise, vaak met in het begin keelpijn en
lymfklierzwellingen, soms ook een pijnlijke lever. De eetlust is
vaak minder. Vaak is er koorts, soms verergerend bij inspanning.
Bij onderzoek vindt men opgezette lymfeklieren, opgezette rode
keel en tonsillen, soms wat puntbloedinkjes aan zachte
gehemelte. Milt en lever kunnen vergroot zijn.
In het herstel verdwijnen eerst de koorts
en keelpijn, daarna de lymfeklierzwellingen, de vermoeidheid kan
enkele weken tot maanden aanhouden.
Laboratoriumonderzoek kan de diagnose
bevestigen.
Bij de meeste kinderen en volwassenen
verdwijnt Pfeiffer weer uit zichzelf. Maar soms kunnen klachten
blijven aanhouden, zoals bijvoorbeeld de vermoeidheid.
Homeopathie kan in deze gevallen vaak hulp
bieden. De homeopatische behandeling is er op gericht om een
passend constitutiemiddel te vinden, waardoor de patiënt weer
gaat herstellen. Ook kan het Epstein Barr virus ontstoord worden
met de homeopatische bereiding van het virus.

|